Top menu

Verzwegen periode op historisch beladen grond

Door OLOF VAN JOOLEN

WESTERBORK – Een heel dun boekje. Meer werd er niet geschreven over de naoorlogse geschiedenis van het kamp Westerbork. Dat is volgens historicus Bas Kortholt (26) niet voor niks.

De periode 1945-48 is een bijzonder pijnlijke. In iets meer dan vier maanden tijd stierven 89 ‘foute’ Nederlanders en pleegden de mensen die orde en gezag moesten herstellen ernstige misdrijven tot verkrachtingen toe.

Als Kortholt de zomer van 1945 met één woord moet kenschetsen, dan is het ‘chaos’. Ons land is een bestuurlijke puinhoop. Het militair gezag ligt overhoop met de regering in Londen en leden van het voormalige verzet die zich verenigden in de Binnenlandse Strijdkrachten. In het machtsvacuüm dat hierdoor ontstaat gedijen excessen.

,,Westerbork was Nederland in het klein,’’ zegt Kortholt. ,,De commandant moest met twee collega’s zorgen voor de terugkeer van 850 Joden die aan deportatie ontkwamen. Ondertussen arriveerden de eerste NSB’ers en oud-SS’ers. De Binnenlandse Strijdkrachten stuurden 250 man voor de bewaking. In deze groep bestonden grote meningsverschillen. De commandant was dagen kwijt aan het beslechten van conflicten. De bewakers konden daardoor hun eigen rechter zijn.’’

De toezichthouders blazen stoom af op de gevangenen. Dit gebeurt soms relatief onschuldig door hen uit te schelden of marcheersessies te houden waarbij de snelste en de langzaamste worden geslagen met een knuppel. Maar er zijn ook schriftelijke bronnen van het militaire gezag waaruit blijkt dat vrouwelijke gevangenen worden verkracht nadat hun hoofd en schaamstreek zijn kaal geschoren.

De leefomstandigheden zijn verschrikkelijk. Omdat er weinig voedsel is, eten de kampbewoners vuilnis en brandnetels. Op het hoogtepunt van de zomer leven in Westerbork 7000 mensen. Geen van hen hoort een aanklacht of wordt verhoord, omdat het justitiële apparaat op zijn gat ligt. Ook volstrekt onschuldige mensen zitten vast. Tegen de herfst worden de fysieke leefomstandigheden beter, maar emotioneel was dit volgens Bas Kortholt niet het geval.

,,Mensen verbleven hier zonder perspectief. Ze wisten niet wat er met ze ging gebeuren en hadden geen idee hoe het met hun kinderen was. Door die uitzichtloosheid, de mishandelingen en het zware fysieke werk stierven 89 mensen. Het is allemaal te verklaren, maar het vormt een tijdsbeeld waaraan weinigen graag worden herinnerd. Zeker niet op de plek die mensen associëren met wat de Joden is aangedaan.’’

Toch is dat precies wat het Herinneringscentrum Westerbork zestig jaar nadat de laatste gevangene het kamp verliet doet met een expositie. Kortholt vindt het hoog tijd dat de periode aandacht krijgt.

,,Bijna alle geschiedschrijving rond de oorlog is gedaan door mensen die er dichtbij stonden. Daardoor zit er altijd een moreel waardeoordeel in,’’ vindt de historicus. ,,Mijn generatie kan oordeelvrij kijken. Ik vind dat vooral de kinderen van ‘foute’ Nederlanders daar recht op hebben. Zij leven net als de overlevenden van de holocaust nog steeds met de gevolgen van de oorlog.’’

Reageren is niet (meer) mogelijk.